lunes, 25 de septiembre de 2017

Vids: Herman José e DIANA KRALL no Herman









Photos: Diana Krall – Turn Up The Quiet – World Tour – Alte Oper Frankfurt – 14. September 2017




Leider durften wir nur zwei Songs seitlich von hinter dem Publikum fotografieren.
Name: Diana Jean Krall
Genre: Jazz
Heimat: Vancouver, New York, London
Geburt: 16.11.1964 in Kanada
Fotografiert für Imago



Article: Diana Krall in Elisabethzaal





Diana Krall in Elisabethzaal: Liefdesliedjes, en een onvergetelijke afscheidskus

Gisteren om 23:41 door Bart Steenhaut


Foto: Jan Van der Perre

In ‘de boekskes’ wordt ze consquent Mevrouw Elvis Costello genoemd, maar Diana Krall is uiteraard veel meer dan dat. Op haar tweeënvijftigste staat de Canadese pianiste bekend als één van de meest succesvolle jazzartiesten aller tijden, en met ‘Turn Up The Quiet’ – haar veertiende cd, intussen- bracht ze eerder dit jaar een uitstekende plaat uit. De kaartjes voor haar concert in de prachtige Elisabethzaal waren dan ook in een zucht de deur uit.


Op de radio hoor je haar zelden, en interviews worden alsmaar schaarser. Maar toch stond Diana Krall zondag voor een tjokvolle Elisabethzaal, en doet ze dat kunstje vanavond nog eens over in Brussel, waar Bozar eveneens is uitverkocht. De verklaring ligt voor de hand: haar vorige passages in ons land lieten keer op keer een sterke indruk na, dus wie haar toen zag komt graag terug, en heeft er de forse ticketprijs graag voor over. Komt daar nog bij dat ze intussen een oeuvre bij elkaar heeft gespeeld dat even succesvol als veelzijdig is.

Foto: Jan Van der Perre

De ene keer zet ze standards van Nat King Cole naar haar hand, dan weer duikt ze onder in de Braziliaanse Bossa Nova. Maar net zo goed gaat ze de nostalgische toer op met een kerstplaat, of tast ze de grenzen van New Orleans en Americana af op Glad Rag Doll, nog steeds één van haar allerbeste platen. De vorige – Wallflower- werd gesuperviseerd door de man achter Céline Dion, en was zowat de enige uitschuiver in een voor de rest vlekkeloos parcours. Maar met Turn Up The Quiet heeft ze die misstap helemaal goed gemaakt: het is een plaat met standards, die ze op subtiele wijze helemaal naar haar hand zet. Daar zitten songs tussen die intussen al honderden keren werden gecoverd – evergreens van klassieke componisten als Irving Berlin, Gus Kahn en Cole Porter - maar live eerde ze ook recentere iconen als Bob Dylan, Tom Waits en haar grote heldin Joni Mitchell, met wie ze naar eigen zeggen ooit nog eens een avondje pool heeft gespeeld, tussen het veel te veel sigaretten roken door.

Krall en haar vierkoppige band maakten een buitengewoon ontspannen indruk, waardoor het niet lang duurde of je waande je op een knus huiskamerconcert. Krall vertelde over haar vrije dag in Antwerpen – ze had schoenen gekocht, was verdwaald geraakt en alleen op restaurant geweest - en speelde tussendoor op een manier die suggereerde dat het haar allemaal geen enkele moeite kostte.

En het moet gezegd: de verstilde subtiliteit van de muziek kwam perfect tot zijn recht in de Elisabethzaal, waar zelfs het kleinste detail loepzuiver klonk. Opener Deed I Do gaf meteen aan wat voor groentjes je op het bord had: ieder bandlid – stuk voor stuk virtuozen op hun instrument - kreeg een solo, en in tegenstelling tot wat je dan verwacht slaagden ze er stuk voor stuk in om hun ego weg te cijferen ten voordele van de song. Het zorgde ervoor dat je vanuit je zeteltje de ene keer mee luchtgitaar zat te spelen, en even later mee te keer ging om een denkbeeldig drumstel. Altijd een goed teken. Zeker: de visuals achter de band deden een beetje kitscherig aan, en écht buiten de lijntjes kleuren was er ook niet bij.

Foto: Jan Van der Perre

Maar het spelplezier was onmiskenbaar, en de songkeuzes bleken keer op keer foutloos. Vooral ‘A Case Of You’ – van Joni Mitchell- kon je in Krall’s intimistische soloversie onmogelijk onberoerd laten. Liefdesliedjes vormden overigens de rode draad in de set, al hielden hartverscheurende melancholie en alles verzwelgende verliefdheid elkaar perfect in evenwicht. In de bisronde leek het haast gefluisterde Sway een mooie afscheidskus voor het slapengaan, maar uiteindelijk deed Diana Krall er nadien met Ophelia – van The Band - nog een uitbundige uitsmijter bovenop, waarbij violist Stuart Duncan nog een laatste keer mocht uitblinken. Alweer een uitstekend concert, kortom. Met allemaal mensen die de volgende tournee gegarandeerd terug een kaartje kopen. Wedden dat ze dan drie keer voor een vol huis staat?
Fuente: www.gva.be



Vid: CTV NEWSCHANNEL: “POP LIFE” UNCUT INTERVIEW WITH DIANA KRALL


Can’t get enough of Diana Krall? Watch her full “Pop Life” conversation with Richard Crouse here.


Watch the whole thing HERE!



Article: Diana Krall: Die unsentimentale Melancholikerin - diepresse.com - 19.09.2017


WIENER KONZERTHAUS

Diana Krall: Die unsentimentale Melancholikerin

KRITIK Die kanadische Sängerin, die erst nur Pianistin sein wollte, begeisterte mit Subtilität und Beseeltheit. Eine Sternstunde.



Diana Krall. – (c) imago/Hartenfelser
1 Kommentarvon Samir H. Köck
19.09.2017 um 18:04

Das kennt man schon: Sie huscht immer ein wenig ungelenk zu ihrem Klavier. Ihre Band hat bereits Aufstellung genommen. Die Begrüßungsworte murmelt sie meist eher sich selbst zu als dem Publikum. Dann tröpfeln erste, sperrige Klavierakkorde ans Ohr. Diana Krall war ja zunächst vorrangig Jazzpianistin. Das mit dem Singen war ihr erst nicht so wirklich geheuer. Mittlerweile ist das anders geworden. Ganz anders. Zwar ist das, was sie zwischen den Stücken so spricht, von einer verwirrenden Zusammenhangslosigkeit, dafür aber sind ihre gesanglichen Improvisationen von einer dramaturgischen Präzision, die außergewöhnlich ist. Noch die geringsten Zwischentöne basieren auf emotionalen Notwendigkeiten. Diana Krall singt nicht bloß, sondern kämpft in jedem einzelnen Song darum, Immanenz und Transzendenz Geltung zu verschaffen.

Der Beginn ihres ersten von zwei Konzerten im Wiener Konzerthaus war noch relativ konventionell. Der Standard „Deed I Do“ lebte von kunstvoll verschleppten Harmonien und aufreizender Intonation. Auf die Bühne projiziert war jetzt ein Bild der New Yorker U-Bahnstation Lexington Avenue/59th Street. In dieser befinden sich Inschriften des auch von Lou Reed sehr verehrten Dichters Delmore Schwartz – etwa das berühmte Diktum „in dreams begin responsibilities“. Und so schien das Zögerliche, das Diana Krall romantischen Klassikern wie Nat King Coles „L.O.V.E.“ und der Rodgers/Hart-Komposition „Isn't It Romantic“ angedeihen ließ, Zeugnis einer prinzipiellen Skepsis zu sein, die sich im Verlauf des Konzerts immer stärker musikalisch bemerkbar machte. Zunächst probierten sich die Musiker, etwa der Gitarrist Anthony Wilson, noch in virtuosen Kunststückchen. Bei „Blue Skies“ etwa, wo er mit einer vertrackten Einleitung zu imponieren versuchte. Krall ließ es mit jener Nachsicht geschehen, die Damen oft demonstrieren, wenn Männer Opfer jäher Aufwallungen werden.


Die orthodoxe Jazzkritik irrt
An ihr war es, die bei ihr obligatorische Coolness wieder ins Recht zu setzen. Sie tat es mit einem radikal umgebauten „Temptation“. Statt den Song simpel grooven zu lassen, wie das Original von Tom Waits, zersplitterte sie ihn in tausend Stücke. Der Geiger Stuart Duncan verlustierte sich in Pizzicato-Klängen, Krall in dunklen, pianistischen Motiven. Auch Joni Mitchells „A Case Of You“ blühte in Kralls dekonstruktivistischer Lesart neu auf. Der Bühnenprospekt zeigte da längst einen sternenschimmernden Nachthimmel. Unter ihm hauchte sie das Bossa-Nova-Juwel „Quiet Nights Of Quiet Stars“. Da drohte bereits ein Vollmond hinter nachtschwarzen Zweigen. „Moon-glow“ vom heuer erschienenen Album „Turn Up the Quiet“, das nicht wenige für Kralls bislang bestes halten, war jetzt die ideale Wahl. Eine Steigerung der Intensität schien undenkbar. Und doch passierte diese. Zugaben wie das patinierte „Just Like A Butterfly (That's Caught In The Rain)“ von 1927, sowie das immens beseelt dargebrachte „This Dream Of You“ von Bob Dylan machten diesen Abend zur Sternstunde einer Interpretationskunst, die Melancholie strikt von Sentimentalität schied. Die orthodoxe Jazzkritik, die Krall gerne als seicht abtut, sie irrt gewaltig.
("Die Presse", Print-Ausgabe, 20.09.2017)

Fuente: diepresse.com